vrijdag 6 maart 2020

Verslag 4 maart: ASS en grenzen aangeven

Er waren deze avond 2 gespreksgroepen en na een kort voorstelrondje stelde Sandra Krekel de vraag: kun jij je grenzen aanvoelen? Hier kwamen de volgende reacties op:
·        Blijft maar doorgaan, ze voelt de grens pas als ze pauze neemt. En ze krijgt een signaal in de vorm van hoofdpijn die niet weg te krijgen is met een paracetamol. Alleen een lange rustpauze helpt om van haar hoofdpijn af te komen.
·        Meerdere vrouwen gaven aan dat ze moeten leren om te accepteren dat de grens bereikt is, ze hebben de neiging hun gevoel te negeren of te bagatelliseren
·        Wel voelen maar  moeilijk om te zeggen dat ze overprikkeld is, voelt zich snel schuldig
·        Sommige geven het aan dat ze met een activiteit over hun grenzen gaan maar ontvangen geen begrip waardoor ze maar niets meer zeggen
·        Een vrouw gaf aan dat ze al over haar grens gegaan is door naar het Autivrouwencafé te gaan. Ze zat met zweet en klamme handen. Door het aan te geven zakte dit en voelde ze de mogelijkheid heeft om ervoor te kiezen weg te gaan zodra ze zou willen. Hierdoor lukte het juist om nog te blijven.

Sandra gaf een aantal keren aan hoe overprikkeling bij Neuro typicals ( NT-ers) werkt; soms kan zij in een ontspannend gesprekje met iemand al tot rust komen. De meeste NT-ers herstellen sneller van overprikkeling bij of door drukke activiteiten.
En ook dat het wel lijkt dat andere mensen geen problemen hebben maar dat dit vaak niet zo is.

De manier waarop je zegt dat je over je grens gaat maakt veel uit om begrip te krijgen van de ander.
We spraken over keuzes maken en dat je bij je eigen verjaardag ervoor kan kiezen om die niet te vieren of alleen met je eigen gezin. Iemand gaf aan dat ze bij haar buren had aangegeven dat zij het niet kan opbrengen om bij hun verjaardag(en) aanwezig te zijn.

Tot slot reikten we elkaar tips aan om beter rekening te kunnen houden met je eigen grenzen:
·        Stiltes inbouwen in een gesprek door even ‘niet’ meteen te reageren
·        Iedere dag jezelf eraan te houden om maar 1 (in)spannend ding te doen
·        Mensen om je heen hebben die je begrijpen
·        Je terugtrekken door een spelletje op de smartphone te doen of een kleurboek met potloden mee te nemen als je ergens bent waar je nog wel wat langer zou willen blijven
·        Koptelefoon opzetten zonder muziek aan om je af te sluiten van je omgeving óf jezelf terugtrekken door naar bepaalde muziek te luisteren
·        Bij jezelf te blijven; ‘schijt’ aan de ander te hebben en hierdoor zelf een ‘prettiger persoon’ voor je zelf te blijven
·        Tijd nemen voor jezelf door dingen van je afschrijven
·        Ademhalingstechnieken gebruiken om bij jezelf te blijven (Mindfulness)
·        Je kan mensen ook als een ‘proefkonijn’ gebruiken om iets uit te proberen m.b.t. je grenzen aan te geven
·        Opschrijven van positieve dingen in een dagboek.


Voor de volgende maand, woensdag 1 april is het thema: Slapen en avondrituelen.

Veel mensen met autisme hebben moeite met (in)slapen. Hoe zet je gedachten stil of stop je met gepieker?
Kunnen avondrituelen hierbij helpen. Een ritueel is een manier van handelen die anders is dan andere handelingen; veel mensen hebben vaste rituelen.
Hebben mensen met een ASS méér rituelen dan een NT-er (neuro-typische mens) en wijken deze sterk af?
Herken jij je in het ‘moeten’ uitvoeren van avondrituelen of kun jij ook ‘gewoon’ naar bed gaan zonder rituelen?
Je bent van harte welkom als je hierover wilt praten met andere autivrouwen. 

woensdag 12 februari 2020

Verslag van 5 februari: ASS en alexithymie


Na een korte inleiding over alexithymie en de daarbij behorende kenmerken werd de vraag gesteld of de vrouwen zich herkenden in deze kenmerken.
Eén deelneemster antwoordde hierop dat ze geen fantasie heeft, dit werd door meerdere vrouwen in de groep herkent. Dit leverde o.a. problemen op bij creatieve opdrachten op school. Daarnaast loopt deze vrouw nog weleens aan tegen onbegrip en bagatelliserende reacties van anderen. Men verwacht van een volwassen vrouw meer eigen initiatief.

Voor meerdere vrouwen geldt dat als er meer rust is en minder spanning, zij beter in staat zijn om bij hun fantasie te komen. Hierop vroeg één van de vrouwen zich af of hierbij de piramide van Maslow een rol speelt. Volgens deze theorie is er geen ruimte voor zaken als creativiteit wanneer niet voldaan is aan de basisbehoeften zoals fysieke behoeften, veiligheid en zekerheid. Een logische theorie, al herkent één van de deelneemsters eerder het tegenovergestelde bij zichzelf: zij vlucht juist vaak in de veilige wereld der fantasie. Aan de andere kant heeft ook zij meer moeite met creatief denken wanneer er sprake is van een deadline; dus stress.

Naast een gebrek aan fantasie werden ook de kenmerken van alexithymie betreffende emoties herkent. Sommige vrouwen vinden het moeilijk hun gevoelens te herkennen en te benoemen, al hebben sommige dat in de loop van hun leven wel steeds beter leren doen. Ook is het voor enkele vrouwen moeilijk te beredeneren waarom ze een bepaalde emotie ervaren: ‘ik ben bozig maar waarom?’
Verder vertelde één van de vrouwen moeite te hebben met het woord ‘angst’. Zij associeert het woord ‘angst’ als iets ‘waar je verschrikkelijk bang voor bent’. En ‘ergens bang voor zijn’ , zoals een lichte spanning bijv. voor een tandartsbezoek of een sollicitatiegesprek, is bij haar géén ‘angst; het zijn voor haar twee verschillende dingen.

Wat ook herkend werd in de groep was dat lichamelijke gewaarwordingen niet altijd, of soms vertraagd, worden gekoppeld aan emoties. Eén van de deelneemsters kwam er pas laat achter dat de brok in haar keel, die ze vaak voelde, veroorzaakt werd door haar emoties. Een andere deelneemster koppelt de hartkloppingen die ze soms heeft, vaak vertraagt aan haar gevoelens van stress.



Voor de volgende maand, woensdag 4 maart is het thema: ASS en grenzen aangeven.

Voor mensen met een ASS begint het er vaak mee dat ze niet goed voelen waar de grens ligt. En als je dat wel voelt, dan moet je dat ook nog (op een assertieve manier) over kunnen brengen. Het kan ook zijn dat je zelf over je grenzen gaat, zonder dat iemand dat van je vraagt.
Hoe stel jij je grenzen en hoe geef je die aan? Welke problemen ervaar je daar bij? Wat heb je hier in de loop der jaren over geleerd?
Je bent van harte welkom als je hierover met andere autivrouwen wilt praten.

Interessant om in dit kader te lezen: https://mandyverleijsdonk.wordpress.com/2017/05/10/o-wacht-dat-was-blijkbaar-mijn-grens/


zaterdag 11 januari 2020

Verslag van 8 januari ASS en onrechtvaardigheid


We begonnen de avond met een korte voorstelronde en daarna stelde Sandra de vraag: ‘Herken jij bij jezelf of je een sterk rechtvaardigheidsgevoel hebt’?
Alle 7 aanwezige vrouwen beantwoordden de vraag met een ‘ja’:

Ja: ik reageer op internet als ik vind dat dingen onrechtvaardig zijn. Als anderen niet zijn zoals ik steekt dat.
Ja: of het op de televisie is of iemand persoonlijk is, het maakt niet uit. Ik heb er moeite mee. Als het persoonlijk is, zeg ik er iets van; dit wordt niet altijd in dank afgenomen.
Ja: maar ik heb geleerd om er anders mee om te gaan; niet steeds mensen erop aanspreken want dat geeft mij zelf veel boosheid en spanning. Ik heb veel gekopieerd van andere mensen en doe nu zoveel mogelijk hetzelfde.
Ja: ik vind het o.a. onrechtvaardig dat er veel verschil is tussen arm en rijk in de wereld. Ik ben dan snel boos en kan er lang over door blijven gaan.
Ja: en het vervreemd mij van de dingen rondom mij heen; ik word boos en krijgt dan ook wel bijval van andere mensen als ik iets zeg van een onrechtvaardige situatie. Als het iets persoonlijks is, kan ik er maanden van overstuur zijn.
Ja: m.b.t. politieke zaken en dan vooral als het gaat om dierenleed.
Ja: ik kan ook niet tegen dierenleed en als mensen tegen mij praten op een manier waarbij zij denken te weten wat ik als persoon met autisme nodig heb dan heb ik daar ook veel moeite mee.

Er werd gevraagd of wij bij onrechtvaardigheid er wel iets van zeggen of niets durven te zeggen? Drie personen gaven aan er wel iets van te zeggen en 4 personen durven dat niet.
Het heeft vaak ook te maken met de situatie en ben je mondig en snel genoeg om terug te kunnen reageren bij een tegenreactie?

Vervolgens gingen we verder met de vraag of wij ons rechtvaardigheidsgevoel ervaren als een ‘kracht’ of als een ’last”? Hier kwam naar voren dat 3 vrouwen het zien als een ‘kracht’ en 4 vrouwen het ervaren als een ‘last’.
Er werd gezegd dat als je je eigen mening geeft, dat het dan niet in dank wordt afgenomen en ook al is het een kracht dat het dan toch ook als last wordt ervaren.

We reikten elkaar tips aan m.b.t. hoe om te gaan met het rechtvaardigheidsgevoel:
·        Fantaseren hoe ik het had willen doen. Wat had ik willen zeggen.
·        Niet reageren maar opschrijven helpt mij om te relativeren
·        Tegen jezelf zeggen: ‘stop met het denken dat het onrechtvaardig is’
·        Bewust keuze maken om niet meer boos te reageren, dit steeds weer oefenen
·        Gevoelens bij de ander laten om de andere persoon niet te willen kwetsen (liever mijzelf kwetsen)
·        Eerlijk zijn naar jezelf i.p.v. kritisch zijn op jezelf
·        Frustratie loslaten door middel van mindfulness of meditatie; kijken naar wat wèl allemaal goed gaat.



Voor de volgende maand, woensdag 5 februari is het thema: ASS en alexithymie

Alexithymie betekent letterlijk ‘geen woorden hebben voor emoties’. Mensen die hieraan leiden hebben moeite hun gevoelens moeilijk onder woorden brengen. Ze laten zich bij belangrijke beslissingen niet leiden door emoties en ook niet goed een onderscheid maken tussen verschillende emoties. Ze voelen zich ‘goed’ of ‘slecht’, maar verder?
*Uit onderzoek is gebleken dat ongeveer 10 % van de bevolking alexithymie heeft. Bij mensen met autisme bleek dat om 50 % te gaan. Ook het moeilijk onderscheid maken tussen een gevoel en de bijbehorende lichamelijke gewaarwording hoort erbij. Bij mensen met alexithymie zie je vaak dat ze lichamelijke klachten hebben waar geen oorzaak voor wordt gevonden.
Hoe is dit bij jou, herken jij dit bij jezelf en wil je erover praten dan ben je van harte welkom.

*Bron: https://www.welingelichtekringen.nl/wetenschap/27993/een-op-de-10-mensen-lijdt-aan-alexithymie.html


maandag 16 december 2019

Verslag van 4 december: Autisme en frustratie



Er waren 2 gespreksgroepjes en in mijn groep begon Sandra met de vraag: ‘Wat is jouw grootste frustratie’?
De dingen die genoemd werden, waren o.a.

Tijd: de druk om ergens op tijd moeten zijn en in het kader van ‘de tijd’ die nodig is om op tijd te beginnen met koken om samen te kunnen eten.
Het ‘onverwachtse’: vooral als je met andere mensen te doen hebt en het kan dan gaan om soms simpele dingen in het dagelijkse leven.
Afspraken: die te laat worden afgezegd of die niet nagekomen worden.  
Mensen: met name de prikkels van mensen, o.a. in het openbaar vervoer.
Belastbaarheid: de wens om meer te kunnen doen qua belastbaarheid
Boosheid mogen uiten: thuis is hier geen ruimte voor, je boos uiten mag niet
Over de hierboven genoemde dingen, werd langere tijd doorgepraat.

Vervolgens kwam ter sprake: ‘Hoe kun je frustratie vermijden’?
Niets afspreken, mond dicht houden of thuis blijven. Alleen helpt dat niet echt en blijf je zelf wèl met de frustratie zitten, terwijl de ander doorgaat met zijn / haar dingen.

We vroegen ons op een gegeven moment af wat nou het verschil is tussen irritatie en frustratie. Sandra legde uit dat het frustratie is als het iemand belemmerd in zijn / haar verwachtingen. Irritatie is een stemming waarin je boos wordt op een ‘prikkel’.
Is het mogelijk om onze verwachting bij te stellen, vroeg Sandra.
Iemand zei: dat het voor haar voelt als continu te moeten aanpassen aan de ander; ze doet voor haar gevoel niet anders als zich altijd aan iedereen ‘aan te passen’. Een andere vrouw zei: dat ze dan erg onverschillig gaat doen.
Een vrouw gaf aan dat ze was begonnen met medicatie die haar emoties / verwachtingen meer dempen en een vrouw gaf aan dat ze behandeling krijgt waar ze leert op een rustige manier te zeggen van wat haar op een bepaald moment frustreert. De reactie van de ander is niet van belang. Het gaat er vooral om dat je leert om je frustratie op een rustige manier te uiten. Het uiten van de frustratie kan je helpen de frustratie zelf als minder heftig te ervaren. 


Voor de volgende maand, woensdag 8 januari 2020, is het thema: ASS en onrechtvaardigheid.

Over mensen met autisme wordt gezegd dat ze een sterk ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel hebben.
Rechtvaardigheidsgevoel heeft te maken met een ontwikkeld gevoel voor alles wat betrouwbaar, behoorlijk, redelijk of wetmatig is. En wellicht is het gevoel nog sterker voor alles wat daar niet aan voldoet.
Zodra je oneerlijkheid of onoprechtheid bespeurt dan is er iets wat je emotioneel raakt. Ongetwijfeld heeft dat te maken met wie je bent, wat jouw normen- en waardenpatroon is en hoe jij in het leven staat.
Kortom: je kunt er gewoon niet tegen. Hoe sterk is dit bij jou? Kan jij relativeren en het gevoel loslaten?
Als je hierover wilt praten met andere autivrouwen dan ben je van harte welkom.

Tip om in dit kader te lezen: http://eenbeetjebijzonder.nl/12-dingen-die-positief-zijn-aan-autisme/

P.S. omdat de 1e woensdag van de maand op Nieuwjaarsdag valt, wordt de bijeenkomst 1 week later gehouden. (8 januari)

maandag 11 november 2019

Verslag van 6 november: ASS en empathie



Er waren deze avond 2 groepen van 6 personen. In de groep waar ik inzat, begon Sandra met de vraag: ‘hoe kijk jij tegen empathie aan’?
Hier kwamen de volgende reacties op:
·       Denkt van zichzelf dat ze het wel kan; in de zin van ‘meeleven’. Dit lukt alleen bij bekenden en naaste familie (met meeleven bedoelt ze: het verdriet voelen)
·       Vindt dat zij het kan doordat het is aangeleerd
·       Zij kan het alleen als ze het ‘gebeuren’ zelf ervaren heeft
·       Bij een film of boek kan zij wèl meeleven c.q. mee huilen
·       Omdat zij erbij wil horen, vindt zij dat zij het moet onthouden wat mensen haar vertellen. Dan kan zij er later nog weer op terugkomen en ernaar vragen of belangstelling / medeleven tonen
·       Zij vindt dat meeleven of inleven 2 verschillende dingen zijn

Sandra sprak vervolgens uit dat zij de ervaring heeft dat mensen met ASS allemaal ‘sociaal’ zijn. Zij helpen graag mee als je het hun vraagt. Hier konden wij ons wel in vinden. Als de ander duidelijk vraagt / aangeeft wat zij kan doen, dan klopt de uitspraak van Sandra wel. We zijn hier even op doorgegaan.
Verder bespraken we dat ‘wij’ het vervelend vinden om aan de ander te vragen: ‘hoe gaat het met je?’.

Het ‘voelen’ is er bij veel van ons niet; rationeel kunnen we bedenken dat we ‘meelevend’ moeten zijn als iemand iets ‘verdrietigs’ verteld. Een vrouw gaf aan op een rouwkaart wèl vanuit haar gevoel een gedicht te kunnen opschrijven als blijk van meeleven. Andere stuurden eerder een kaartje bij ziekte of overlijden dan naar de begrafenis te gaan of op ziekenbezoek te gaan.
Een paar vrouwen vinden het op het werk lastig om mee te praten met de collega`s als er iets vervelends is gebeurd. (bijv. overlijden van een familielid van de leidinggevende)
De meesten vinden het makkelijker om in het rationele te zitten en niet in hun gevoel. Men schiet makkelijker in de modus van een oplossing aandragen. Het kan ook een soort van autisme zijn om meteen in je ratio te gaan zitten; je hoeft dan niets te doen met je gevoel. Bij dieren wordt makkelijker gevoelscontact gemaakt dan bij mensen. Sandra geeft aan dat dat mogelijk komt omdat je dan niet alert hoeft te zijn op het reageren van de ander en je helemaal op je gevoel kunt richten.

Degene die een partner hebben gaven aan dat het lastig voor hun was om aan te voelen hoe de partner zich voelt. Een gezicht wat serieus staat lijkt ook boos. Moeilijk voor ons om het onderscheid te zien. Partner wil vaak alleen maar dat er naar hem/haar geluisterd wordt zonder dat je meteen met de oplossing aan komt.  En begrip: dus dat je begrijpt waar de partner mee zit.

Op de vraag of wij het ook belangrijk vinden dat er naar ons geluisterd wordt, dat we ons verhaal kwijt kunnen, antwoord het merendeel van de vrouwen: ja. Een paar vrouwen gaven aan dat zij juist graag meteen de oplossing wilde hebben. (zonder het medeleven)

Tot slot spraken we nog over ‘hoe wij het vinden als er tegen ons gezegd wordt dat je niet empathisch bent’.
De meeste vrouwen vinden dit niet leuk. Ze willen toch empathisch kunnen  zijn.   



Voor de volgende maand, woensdag 4 december, is het thema: ASS en frustratie.

Frustratie is de emotionele toestand van iemand die belemmerd wordt in zijn / haar verwachtingen, Je bent ontevreden en je voelt ergernis omdat het niet gaat zoals je wilt of zoals je verwacht had.
Gevolg kan behoorlijke overprikkeling zijn waardoor je vastloopt.
De oorzaak kan liggen in invloeden van buitenaf maar ook door autisme gerelateerde dingen zoals de moeite om intenties van anderen te begrijpen; moeite om met onrechtvaardigheid om te gaan en  niet goed weten hoe voor jezelf op te komen.
Wat geeft jou frustratie, hoe ga jij er mee om en wat doe jij om het kwijt te raken?
Je bent van harte welkom als je hierover met andere autivrouwen wilt praten.

Interessant om in dit kader te lezen: https://www.sylviastuurman.nl/blog/2013/08/asperger-en-boosheid/


vrijdag 4 oktober 2019

Verslag van 2 oktober: ASS en persoonlijke ontwikkeling


Het themagesprek vond plaats in 2 kleine groepen. In mijn groep begon Sandra met de vraag: ’hoe kijk je tegen je eigen persoonlijke ontwikkeling aan’?
De reacties waren divers:
·        Iemand gaf aan in het tijdschrift Psychologie te hebben gelezen over ‘loslaten’ en openstaan voor nieuwe dingen. Zij probeert dit in haar dagelijkse leven uit te voeren.
·        Een vrouw gaf aan op de lagere school beter te zijn in het volgen van de lesmaterie dan in het omgaan met de kinderen. Hier is een term voor: ‘mental age’. (eerst cognitieve ontwikkeling en daarna pas het sociale / emotionele deel ontwikkelen)
·        Geen pubertijd door een groot verantwoordelijkheidsgevoel; zij wist ook niet hoe zij moest spelen op het schoolplein.
·        Starheid kan ontwikkeling blokkeren
·        In de pubertijd juist méér of eigenlijk alleen maar met volwassenen omgaan; ze hield niet van uitgaan, mode en discomuziek
·        In de schoolperiode veel gedrag en kleedgedrag gekopieerd omdat zij niet wist hoe zich te gedragen. Omdat zij thuis de oudste is, had ze geen voorbeeld van een oudere broer of zus. De pubertijd was erg lastig omdat kinderen veranderden en veel uitprobeerden. Later in haar werkperiode werd het wat gemakkelijker omdat de meeste collega`s ouder waren en een deel ervan getrouwd was.
·        Was laat in de pubertijd en toen zij er in kwam, ging ze helemaal ‘los’. Nu is ze er niet trots op wat ze  allemaal gedaan heeft. Ze heeft de periode van middelengebruik gelukkig wel goed kunnen los laten.

Meerdere vrouwen waren vroeger thuis het oudste kind, een aantal waren de middelste en een enkele de jongste.
Op de vraag of wij te maken hebben gehad met een verslaving was het aantal verslavingen minimaal. Sommige vrouwen deden een tijdje mee om aansluiting te vinden bij leeftijdsgenoten.

Op de vraag ‘neem je nu de verantwoordelijkheid voor je persoonlijke ontwikkeling’ konden we gemakkelijker een reactie geven als op de vorige vraag.
Iemand gaf aan te accepteren zoals haar leven nu is, een andere vrouw geeft aan dat zij vaak heeft moeten ‘overleven’ en zich daardoor niet goed kon / kan ontwikkelen.
Persoonlijke ontwikkeling is nooit af, zei iemand. Deze vrouw zit nu in de fase van ontwikkeling m.b.t. werk.
Een vrouw geeft aan er iedere dag mee bezig te zijn, bijvoorbeeld op het werk proberen assertiever te zijn.
Therapie is een hulpmiddel om je ergens in te ontwikkelen en bijvoorbeeld te leren hoe je een gemist stuk in je jeugd kan verwerken zodat je in je toekomstige leven verder kan ontwikkelen.
Er zijn altijd wel dingen om je te blijven ontwikkelen. Dit zou men ook kunnen doen door mee te doen in een toneelspel. Het nodigt uit om te leren van een karakter of rol die je speelt en het te leren gebruiken in je eigen leven.

De laatste vraag was: ‘ben je tevreden met de mens die je geworden bent’?
·        Naar omstandigheden wel; heeft geleerd gelukkig te zijn zoals ze nu is.
·        Niet tevreden: heeft te maken met de fase waarin ze zit.(lastige balans van overprikkeling – onderprikkeling)
·        Heeft er nu wel vrede mee, nu zij werkt met lange time-outs.(3-4 uur niets doen) Dit geeft haar meer rust, het levert meer quality-time op waardoor ze uiteindelijk meer kan doen.
·        Fifty-fifty: mede door de last van de overprikkeling
·        Op goeie dagen lukt het beter om zich beter te voelen dan op slechte dagen.

Tot slot gaven we elkaar tips.
·        Leg de lat niet te hoog
·        Kies voor jezelf
·        Lief zijn voor jezelf
·        Niet vechten tegen jezelf




Voor de volgende maand, woensdag 6 november is het thema: ASS en empathie

Empathie is het vermogen van iemand om zich in de gedachten- en belevingswereld van anderen te kunnen inleven.
Bij autisme wordt vaak genoemd dat men géén of nauwelijks het vermogen heeft tot empathie voor een andere persoon. Zonder empathie zou je niet op een gepaste wijze kunnen reageren als niet duidelijk is hoe de innerlijke wereld van de ander er uit zou kunnen zien. Dit houdt niet in dat mensen met autisme geen gevoelens voor anderen kunnen ontwikkelen. Hoe is dit bij jou, wat zijn je ervaringen hiermee?






maandag 9 september 2019

Verslag van 4 september: ASS en (zelf)stigma



Er waren 13 vrouwen aanwezig en we gingen in 2 groepen het gesprek ASS en (zelf)stigma beginnen.
Sandra Krekel begon eerst met de vraag hoe wij de zomervakantie door gekomen waren en dit bleek tevens een begin te zijn van hoe de vrouwen over zichzelf praten. (zelfstigma)
Vervolgens gingen we verder met de vraag: ‘heb jij een laag zelfbeeld of negatief beeld van jezelf?’
Van de 5 vrouwen reageerden er 4 met ‘ja’ en een vrouw gaf aan dit niet bij zichzelf te herkennen.
De dingen die benoemd werden waren o.a.:
·        Jezelf dingen aanpraten; voel mij minder dan anderen; ik zou gemakkelijker willen leven; ‘buiten’ wordt ik steeds geconfronteerd met het ‘anders zijn’.
·        Voel mij minder doordat ik geen baan heb; het geen goed antwoord kunnen geven waarom ze niet werkt; het geeft een vervelend gevoel. Heeft het gevoel in de verdediging te schieten n.a.v. de vragen die haar gesteld worden.
·        Haalt zichzelf naar beneden door te zeggen: ‘het is maar vrijwilligerswerk’; ze geeft wel aan dat zij vóór het krijgen van de diagnose ASS, zichzelf ook al naar beneden haalde.
·        Door moeheid en overprikkeling kan men zichzelf ook naar beneden halen door negatief te zijn over jezelf
·        Geeft aan zich ‘dom’ te voelen terwijl ze wel een baan heeft.(Is dom wel het juiste woord of is het je sociaal onhandig voelen)
·        De vrouw die aangaf het niet bij zichzelf te herkennen vindt zichzelf wel vaak negatief in het doen van uitspraken, maar geeft aan dat zij zichzelf niet naar beneden haalt.

Vervolgens gingen we dieper in op het ‘waarom’ men zichzelf naar beneden haalt. We gaven elkaar tips en inzicht hoe iemand het anders zou kunnen doen. En waar het kon complimenteerden we elkaar.



Voor de volgende maand, woensdag 2 oktober, is het thema: ASS en persoonlijke ontwikkeling.

Persoonlijke ontwikkeling is de groei en voortgang van je persoonlijke eigenschappen. Daarvoor heb je inzicht nodig in wie je bent. Veel mensen met autisme hebben weinig zelfvertrouwen. “Zo ben ik nu eenmaal” is de lijfspreuk van mensen die de neiging hebben zich als slachtoffer te gedragen en geen verantwoordelijkheid over hun eigen leven durven te nemen.
Persoonlijke groei begint met het accepteren zoals je bent, en het erkennen van je eigen kwaliteiten. Wie of wat wil je zijn? Ben je introvert of extravert? Iedereen is uniek. Dit betekent ook dat de ene persoon niet beter of slechter is dan een ander, hooguit anders.
Je bent van harte welkom als je hierover wilt praten met andere autivrouwen.

Interessant om in dit kader te lezen: http://praktijkmerlijn.nl/blog/